Boek pagina PsychoPioneer
Sociale Psychologie, 9e editie, 2018, Aronson,Wilson, Akert, Sommers.
DEEL I - Sociale Psychologie bestaat uit 1 deel met 13 hoofdstukken
    2
1 - Inleiding tot de sociale psychologie
    2
1.0 - Kernvragen & Openingscase

Wat is sociale psychologie en wat is het verschil met andere disciplines?
Wat is belangrijker: de persoonlijkheid of de situatie?
Hoe hebben behaviorisme en gestaltpsychologie bijgedragen aan de ontwikkeling van de sociale psychologie?
Wat zijn de verschillen tussen het motief van eigenwaarde en het motief van sociale cognitie?
Hoe kan de sociale psychologie maatschappelijke problemen helpen oplossen?

De Openingscase

    2
1.1 - Wat is sociale psychologie?

8 begrippen in deze sectie:

Psychologie
Sociale invloed
Sociale psychologie
Empirische methode
Hypothese
Construct
Determinant
Individuele verschillen


    4
1.1.1 - Sociale psychologie, wetenschap en gezond verstand

Steekwoorden:
antropologie

antropologie (p. 6) =



construct

construct (p. 6) =



definitie van construct (p. 6) =






Namen:
Allport, G.W.


    4
1.1.2 - Sociale psychologie en het verschil met verwante disciplines

Steekwoorden:
behaviorisme

behaviorisme (p. 13) =



construct

gestaltpsychologie en construct (p. 14) =



construct (p. 15) =



bronnen van construct (p. 16) =



experimenten

crosscultureel onderzoek (p. 10) =




    7
1.2 - De macht van de situatie

2 begrippen in deze sectie:

Attributie
Fundamentele attributiefout


   10
1.3 - De macht van sociale interpretatie

3 begrippen in deze sectie:

Behaviorisme
Fenomenologie
Gestaltpsychologie


   13
1.4 - De oorsprong van constructen: fundamentele menselijke motieven

2 begrippen in deze sectie:

Positief zelfbeeld
Sociale cognitie


   16
1.4.1 - Het motief van eigenwaarde: de behoefte aan een positief zelfbeeld
   17
1.4.2 - Het motief van de sociale cognitie: de behoefte om accuraat waar te nemen

Steekwoorden:
besluitvorming

besluitvorming (p. 19) =



cognitie

cognitieve ontwikkeling van een kind (p. 19) =




   18
1.4.3 - Overige motieven

Steekwoorden:
accuratesse

accuratesse (p. 23) =



bias

hindsight bias (p. 28) =



controle

behoefte aan controle (p. 21) =



drijfveren

biologische drijfveren (p. 20) =



omstander

bystander effect (p. 27) =




   20
1.5 - Sociale psychologie en maatschappelijke problemen
   21
1.6 - Samenvatting
   23
2 - Methodologie: hoe doen sociaal psychologen onderzoek?
   26
2.0 - Kernvragen & Openingscase

Hoe ontwikkelen onderzoekers hypothesen en theorieën?
Wat zijn de voor- en nadelen van verschillende onderzoeksmethoden die sociaal psychologen gebruiken?
Welke invloed hebben crossculturele studies en onderzoek in de sociale neurowetenschap op de manier waarop wetenschappers sociaal gedrag bestuderen?
Hoe garanderen sociaal psychologen de veiligheid en het welzijn van proefpersonen tijdens het toetsen van hypothesen over sociaal gedrag?

De Openingscase

   26
2.1 - Sociale psychologie: een empirische wetenschap
   27
2.1.1 - Inspiratie uit eerdere theorieën en onderzoeken
   29
2.1.2 - Hypothesen gebaseerd op persoonlijke observaties
   29
2.1.3 - Onderzoeksmethoden

Steekwoorden:
antropologie

culturele antropologie (p. 31) =



correlatie

correlationele methode (p. 30) =




   30
2.2 - De observationele methode: sociaal gedrag beschrijven

3 begrippen in deze sectie:

Etnografie
Observationele methode
Interbeoordelaars-betrouwbaarheid


   30
2.2.1 - Analyse van archieven

Steekwoorden:
analyse van archieven

analyse van archieven (p. 32) =



archieven

archieven: analyse van (p. 32) =



correlatie

correlatiecoëfficiënt (p. 32) =



correlationele methode (p. 32) =



definitie van de correlationele methode (p. 32) =




   32
2.2.2 - Beperkingen van de observationele methode

Steekwoorden:
analyse van archieven

analyse van archieven (p. 32) =



archieven

archieven: analyse van (p. 32) =



correlatie

correlatiecoëfficiënt (p. 32) =



correlationele methode (p. 32) =



definitie van de correlationele methode (p. 32) =




   32
2.3 - De correlationele methode: sociaal gedrag voorspellen

6 begrippen in deze sectie:

Analyse van archieven
Correlatiecoëfficiënt
Correlationele methode
Vragenlijstonderzoek (survey)
Aselecte steekproef
At random steekproef (randomisatie)


   32
2.3.1 - Onderzoek door middel van vragenlijsten

Steekwoorden:
aselecte steekproef

aselecte steekproef (p. 34) =



correlatie

correlationele methode: surveys (p. 33) =




   33
2.3.2 - Beperkingen van de correlationele methode: correlatie is niet hetzelfde als causaliteit

Steekwoorden:
anticonceptie

anticonceptie (p. 35) =



causaliteit

causale relaties (p. 35) =



correlatie en causaliteit (p. 35) =



experimentele methode en causaliteit (p. 36) =



correlatie

beperkingen van de correlationele methode (p. 35) =



causaliteit en correlatie (p. 35) =



causaliteit en correlatie (p. 36) =




   35
2.4 - De experimentele methode: causale vragen beantwoorden

17 begrippen in deze sectie:

Experimentele methode
Onafhankelijke variabele
Afhankelijke variabele
Interne validiteit
Willekeurige (random) toewijzing aan een conditie
Overschrijdingskans (p-waarde)
Waarschijnlijkheidswaarde
Externe validiteit
Psychologisch realisme
Alledaags realisme
Coverstory
Veldexperiment
Basisdilemma van de sociaal psycholoog
Meta-analyse
Replicatie
Fundamenteel onderzoek
Toegepast onderzoek


   36
2.4.1 - Onafhankelijke en afhankelijke variabelen

Steekwoorden:
afhankelijke variabele

afhankelijke variabele (p. 38) =



correlatie

causaliteit en correlatie (p. 37) =



omstander

bystander intervention (p. 38) =




   37
2.4.2 - Interne validiteit in experimenten

Steekwoorden:
omstander

bystander intervention: helpend gedrag (p. 40) =




   40
2.4.3 - Externe validiteit in experimenten

Steekwoorden:
alledaags realisme

alledaags realisme (p. 43) =



experimenten

coverstory (p. 43) =




   42
2.4.4 - Fundamenteel versus toegepast onderzoek

Namen:
Allen, B.P.


   46
2.5 - Nieuwe ontwikelingen in het sociaalpsychologisch onderoek

2 begrippen in deze sectie:

Crosscultureel onderzoek
Evolutietheorie


   47
2.5.1 - Cultuur en sociale psychologie

Steekwoorden:
cultuur

cultuur, en sociale psychologie (p. 47) =



experimenten

crosscultureel onderzoek (p. 47) =




   47
2.5.2 - Evolutietheorie

Steekwoorden:
correlatie

biologische processen, en sociaal gedrag (p. 48) =



biologische processen, en sociaal gedrag (p. 48) =



experimenten

Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (p. 50) =






Namen:
Achard, S.

Adair, J.G.


   48
2.5.3 - Sociale neurowetenschap

Steekwoorden:
correlatie

biologische processen, en sociaal gedrag (p. 48) =



biologische processen, en sociaal gedrag (p. 48) =



experimenten

Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (p. 50) =






Namen:
Achard, S.

Adair, J.G.


   48
2.6 - Ethische thema's in de sociale psychologie

3 begrippen in deze sectie:

Geïnformeerde toestemming (informed consent)
Debriefing
Misleiding


   49
2.6.1 - Fraude in de sociale psychologie

Steekwoorden:
automatisch denken

automatisch denken (p. 58) =



experimenten

Commissie Levelt (p. 51) =




   51
2.7 - Samenvatting
   52
3 - Sociale cognitie: hoe we denken over de sociale wereld
   56
3.0 - Kernvragen & Openingscase

[kernvraag 1]
[kernvraag 2]
[kernvraag 3]
[kernvraag 4]
[kernvraag 5]

De Openingscase

   56
3.1 - De sociale denker
   57
3.2 - Op de automatische piloot: denken zonder inspanning

15 begrippen in deze sectie:

Automatisch denken
Schema's
Scripts
Toegankelijkheid
Priming
Perseveratie-effect
Bestraffingseffect
Selffulfilling prophecy
Pygmalioneffect
Zeigarnikeffect
Beoordelingsheuristiek
Beschikbaarheidsheuristiek
Informatie over basisfrequentie
Representativiteitsheuristiek
Anker- en correctieheuristiek


   58
3.2.1 - Mensen als alledaagse theoretici: automatisch denken met schema's

Steekwoorden:
attitudes

impliciete attitudes (p. 63) =



bestraffing

bestraffingseffect (p. 65) =






Namen:
Ambady, N.


   59
3.2.2 - Soorten automatisch denken

Namen:
Aarts, H.
* (2003). The silence of the library: Environment, situational norm, and social behavior. Journal of Personality and Social Psychology, 84, 18-28.
* (2012). Goal-directed behavior. New York: Taylor & Francis, , -.

   68
3.2.3 - Automatisch denken en metaforen over lichaam en geest
   71
3.2.4 - Mentale strategieën en snelle aannames: beoordelingsheuristieken

Steekwoorden:
acute intermitterende porfyrie (AIP)

acute intermitterende porfyrie (AIP) (p. 74) =



AIP (acute intermitterende porfyrie)

AIP (acute intermitterende porfyrie) (p. 74) =



anker- en correctieheuristiek

anker- en correctieheuristiek (p. 78) =



automatisch denken

automatisch denken: beoordelingsheuristieken (p. 72) =



automatisch denken: snelle aannames (p. 72) =



Barnum-effect

Barnum-effect (p. 77) =



basisfrequentie

informatie over basisfrequentie (p. 76) =



heuristiek

beoordelingsheuristiek (p. 72) =



beoordelingsheuristiek (p. 73) =



beschikbaarheidsheuristiek (p. 74) =






Namen:
Aarts, H.
* (2003). The silence of the library: Environment, situational norm, and social behavior. Journal of Personality and Social Psychology, 84, 18-28.
* (2012). Goal-directed behavior. New York: Taylor & Francis, , -.

   72
3.3 - De invloed van cultuur op sociaal denken

2 begrippen in deze sectie:

Analytische denkstijl
Holistische denkstijl


   79
3.3.1 - Culturele determinanten van schema's
   79
3.3.2 - Holistisch versus analytisch denken

Steekwoorden:
analytische denkstijl

analytische denkstijl (p. 81) =




   81
3.4 - Gecontroleerde sociale cognitie: ingespannen denken

4 begrippen in deze sectie:

Gecontroleerd denken
Tegenfeitelijk denken
Barrière van overdreven zelfvertrouwen
Gedachteonderdrukking


   82
3.4.1 - Gecontroleerd denken en vrije wil
   83
3.4.2 - Het verleden mentaal ongedaan maken: tegenfeitelijk redeneren
   85
3.4.3 - Gedachteonderdrukking

Steekwoorden:
attributie

attributie (p. 95) =



communicatie

non-verbale communicatie (p. 96) =






Namen:
Akert, R.M.


   87
3.4.4 - Beter leren denken

Steekwoorden:
attributie

attributie (p. 95) =



communicatie

non-verbale communicatie (p. 96) =






Namen:
Akert, R.M.


   87
3.5 - Terug naar Watson
   90
3.6 - Samenvatting
   91
4 - Sociale perceptie: hoe we andere mensen begrijpen
   94
4.0 - Kernvragen & Openingscase

[kernvraag 1]
[kernvraag 2]
[kernvraag 3]
[kernvraag 4]
[kernvraag 5]

De Openingscase

   94
4.1 - Non-verbale communicatie

8 begrippen in deze sectie:

Non-verbale communicatie
Sociale perceptie
Spiegelneuronen
Coderen
Decoderen
Vermenging van affect
Manifestatieregels
Emblemen


   96
4.1.1 - Gezichtsuitdrukkingen van emoties

Steekwoorden:
affect

vermenging van affect (p. 99) =



coderen

coderen (p. 97) =



coderen van emotionele expressie (p. 97) =



communicatie

non-verbale communicatie (p. 97) =






Namen:
Adams, G.S.

Adams, R.B.

Adolphs, R.

Ambady, N.


   97
4.1.2 - Cultuur en de vormen van non-verbale communicatie

Steekwoorden:
aanraking

culturele verschillen in aanraking (p. 101) =



cultuur

non-verbale communicatie en cultuur (p. 100) =



pesten

cyberpesten (p. 100) =






Namen:
Agatston, P.W.

Ambady, N.


  100
4.2 - Eerste indrukken: snel en hardnekkig

3 begrippen in deze sectie:

Thin-slicing
Belief perseverance
Primacy effect


  103
4.2.1 - De aanhoudende invloed van eerste indrukken

Namen:
Ambady, N.


  104
4.2.2 - Eerste indrukken en non-verbale communicatie in ons voordeel gebruiken

Steekwoorden:
attributie

attributie (p. 106) =



causale attributie (p. 106) =



beleefdheid

genderverschillen in beleefdheid (p. 106) =



belief perseverance

belief perseverance (p. 105) =






Namen:
Ames, D.R.


  105
4.3 - Causale attributie: het beantwoorden van het waarom

13 begrippen in deze sectie:

Attributietheorie
Externe attributie
Interne attributie
Covariatiemodel
Informatie over consensus
Informatie over consistentie
Informatie over onderscheidend vermogen
Fundamentele attributiefout
Perceptuele saillantie
Tweeledig proces van attributie
Zelfdienende attributies
'Blinde vlek'-bias
Geloof in een rechtvaardige wereld


  106
4.3.1 - De aard van het attributieproces

Steekwoorden:
attributie

externe attributie (p. 107) =



interne attributie (p. 107) =



attributieproces

aard van het attributieproces (p. 107) =



attributietheorie

attributietheorie (p. 107) =




  107
4.3.2 - Het covariatiemodel: interne versus externe attributies

Steekwoorden:
attributieproces

attributieproces (p. 108) =



consensus

informatie over consensus (p. 108) =



consistentie

informatie over consistentie (p. 109) =



experimenten

covariatiemodel (p. 108) =



covariatiemodel (p. 109) =




  108
4.3.3 - De fundamentele attributiefout: de mens als persoonlijkheidspsycholoog

Steekwoorden:
attributie

correspondence bias bij attributie (p. 110) =



bias

correspondence bias (p. 111) =



correspondence bias: perceptuele saillantie (p. 113) =






Namen:
Amabile, T.M.


  110
4.3.4 - Zelfdienende attributies

Steekwoorden:
attributie

tweeledig proces attributie (p. 115) =



zelfdienende attributie (p. 116) =




  115
4.3.5 - De 'blinde-vlek' bias

Steekwoorden:
attributieve bias

attributieve bias: bias blind spot (p. 118) =



bias

'blinde vlek' bias (p. 118) =



cultuur

westerse cultuur (p. 119) =






Namen:
Abrams, D.

Aguiar, P.


  118
4.4 - Cultuur en sociale perceptie
  119
4.4.1 - Holistisch versus analystisch denken

Steekwoorden:
analytische denkstijl

analytische denkstijl (p. 120) =



cultuur

Aziatische cultuur (p. 120) =



traditie

confucianistische traditie (p. 120) =




  120
4.4.2 - Culturele verschillen in de fundamentele attributiefout

Steekwoorden:
cultuur

fundamentele attributiefout en cultuurverschillen (p. 121) =




  121
4.4.3 - Cultuur en andere attributionele biases

Steekwoorden:
bias

correspondence bias (p. 123) =



cultuur

collectivistische cultuur (p. 124) =



individualistische cultuur (p. 124) =



Aziatische cultuur (p. 125) =




  123
4.6 - Samenvatting
  126
5 - Het zelf: onszelf begrijpen in een sociale context
  128
5.0 - Kernvragen & Openingscase

[kernvraag 1]
[kernvraag 2]
[kernvraag 3]
[kernvraag 4]
[kernvraag 5]

De Openingscase

  128
5.1 - De oorsprong en aard van het zelfconcept

3 begrippen in deze sectie:

Zelfconcept
Onafhankelijk zelfbeeld
Onderling afhankelijk zelfbeeld


  129
5.1.1 - Culturele invloeden op het zelfconcept
  131
5.1.2 - Functies van het zelf
  133
5.2 - Zelfkennis

20 begrippen in deze sectie:

Introspectie
Zelfbewustzijn
Zelfbewustzijnstheorie
Causale theorieën
Door rationele redenen veroorzaakte attitudeverandering
Zelfperceptietheorie
Extrinsieke motivatie
Intrinsieke motivatie
Overrechtvaardigingseffect
Prestatieafhankelijke beloning
Taakafhankelijke beloning
Vast denkkader (fixed mindset)
Vormbaar denkkader (growth mindset)
Tweefactorentheorie van emotie
Misattributie van opwinding
Neerwaartse sociale vergelijking
Opwaartse sociale vergelijking
Sociale vergelijkingstheorie
Sociale afstemming
Affectieve voorspelling


  134
5.2.1 - Zelfkennis door middel van introspectie

Steekwoorden:
attitudes

veranderen van attitudes (p. 138) =



causaliteit

causale theorieën (p. 137) =



definitie van causale theorieën (p. 137) =



theorieën over causaliteit (p. 137) =






Namen:
Abele, A.E.


  134
5.2.2 - Zelfkennis door middel van zelfobservatie

Steekwoorden:
attributietheorie

attributietheorie (p. 139) =



beloning

prestatieafhankelijke beloning (p. 142) =



taakafhankelijke beloning (p. 142) =






Namen:
Aarts, H.
* (2003). The silence of the library: Environment, situational norm, and social behavior. Journal of Personality and Social Psychology, 84, 18-28.
* (2012). Goal-directed behavior. New York: Taylor & Francis, , -.

  139
5.2.3 - Andere mensen gebruiken voor zelfkennis

Steekwoorden:
affectieve voorspelling

affectieve voorspelling (p. 152) =






Namen:
Alberts, H.

Alicke, M.D.


  148
5.3 - Zelfcontrole: de uitvoerende functie van het zelf
  153
5.4 - Impressiemanagement: de wereld is een schouwtoneel

3 begrippen in deze sectie:

Impressiemanagement
Vleien
Zelfsabotage


  155
5.4.1 - Vleien en zelfsabotage

Steekwoorden:
angstmanagementtheorie

angstmanagementtheorie (p. 158) =
[ zelfvertrouwen dient als buffer tegen angstwekkende gedachten over de dood (Greenber, Solomon, Pyszczynski, Schimel) ]


definitie van angstmanagementtheorie (p. 158) =
[ degenen met veel zelfvertrouwen omarmen culturele wereldbeelden waarin het leven als effectief en zinvol wordt beschouwd. Dergelijke wereldbeelden bieden bescherming tegen de angst die veroorzaakt wordt door gedachten over de eigen dood. ]


definitie van angstmanagementtheorie (p. 159) =






Namen:
Almonte, J.L.


  156  PsychoPioneer 
5.5 - Zelfvertrouwen: hoe we over onszelf denken

4 begrippen in deze sectie:

Zelfvertrouwen
Angstmanagementtheorie
Narcisme
Self-efficacy


  157
5.6 - Samenvatting
  161
6 - De behoefte om ons handelen te rechtvaardigen
  164
6.0 - Kernvragen & Openingscase

[kernvraag 1]
[kernvraag 2]
[kernvraag 3]
[kernvraag 4]
[kernvraag 5]

De Openingscase

  164
6.1 - Een stabiel, positief zelfbeeld in stand houden

5 begrippen in deze sectie:

Cognitieve dissonantie
Zelfbevestiging
Impact bias
Postdecision dissonance
Lowballing


  162
6.1.1 - Cognitieve dissonantietheorie

Steekwoorden:
cognitie

cognitieve dissonantie (p. 166) =



manieren om cognitieve dissonantie te reduceren (p. 166) =



roken en cognitieve dissonantie (p. 166) =



manieren om cognitieve dissonantie te reduceren (p. 167) =




  166
6.1.2 - Beslissingen, beslissingen en nog eens beslissingen

Steekwoorden:
beloning

cognitieve dissonantie en beloning (p. 172) =



besluitvorming

cognitieve dissonantie en besluitvorming (p. 171) =



cognitie

beslissen en cognitieve dissonantie (p. 171) =






Namen:
Adams, G.S.


  171
6.1.3 - Dissonantie in verschillende culturen
  176
6.2 - Zelfrechtvaardiging in het dagelijks leven

7 begrippen in deze sectie:

Rechtvaardiging van inspanning
Counter-attitudinal advocacy
Externe rechtvaardiging
Interne rechtvaardiging
Onvoldoende straf
Zelfoverreding
Hypocrisie-inductie


  177
6.2.1 - Je inspanningen rechtvaardigen

Steekwoorden:
cognitie

cognitieve dissonantie: rechtvaardigen van inspanning (p. 177) =




  177
6.2.2 - Externe versus interne rechtvaardiging

Steekwoorden:
advocacy

counter-attitudinal advocacy (p. 180) =
[ aanpassen van je werkelijke mening aan de leugen die je hebt uitgesproken. ]


counter-attitudinal-advocacy (p. 180) =



attitudes

interne versus externe rechtvaardiging voor verandering van attitudes (p. 180) =




  179
6.2.3 - Straf en zelfoverreding

Steekwoorden:
cognitie

straf en cognitieve dissonantie (p. 181) =



beloning of straf en cognitieve dissonantie (p. 183) =



zelfoverreding en cognitieve dissonantie (p. 184) =




  181
6.2.4 - Het hypocrisieparadigma
  186
6.2.5 - Goede en slechte daden rechtvaardigen

Steekwoorden:
Benjamin Franklin-effect

Benjamin Franklin-effect (p. 187) =



cognitie

cognitieve dissonantie: Benjamin Franklin-effect (p. 187) =




  187
6.2.6 - Onze slachtoffers ontmenselijken

Steekwoorden:
11 september 2001

terroristische aanslagen van 11 september 2001 (p. 191) =




  189
6.3 - Een negatief zelfbeeld en dissonantie

2 begrippen in deze sectie:

Zelfrechtvaardiging
Zelfverificatietheorie


  192
6.3.1 - Consistentie van negatief zelfbeeld met immoreel gedrag
  192
6.3.2 - Ons zelfconcept bevestigen of verheffen?
  193
6.4 - Terug naar Heaven's Gate
  194
6.4.1 - Leren van onze fouten

Steekwoorden:
attitudes

attitudes (p. 201) =



definitie van attitudes (p. 201) =




  195
6.5 - Samenvatting
  196
7 - Attitudes en attitudeverandering: gedachten en gevoelens beïnvloeden
  200
7.0 - Kernvragen & Openingscase

[kernvraag 1]
[kernvraag 2]
[kernvraag 3]
[kernvraag 4]
[kernvraag 5]

De Openingscase

  200
7.1 - De aard en oorsprong van attitudes

9 begrippen in deze sectie:

Attitude
Tripartietemodel van attitudes
Klassieke conditionering
Op affect gebaseerde attitudes
Op cognitie gebaseerde attitudes
Op gedrag gebaseerde attitudes
Operante conditionering
Expliciete attitude
Impliciete attitude


  201
7.1.1 - Hoe ontstaan attitudes

Steekwoorden:
attitudes

componenten van attitudes (p. 202) =



genetische oorsprong van attitudes (p. 202) =



tripartitemodel van attitudes (p. 202) =



tweelingenonderzoek naar attitudes (p. 202) =



attitudes over abortus (p. 203) =



op affect gebaseerde attitudes (p. 203) =



op cognitie gebaseerde attitudes (p. 203) =



op gedrag gebaseerde attitudes (p. 204) =



priming en attitudes (p. 204) =



conditionering

klassieke conditionering (p. 203) =



operante conditionering (p. 204) =






Namen:
Abelson, R.P.


  202
7.1.2 - Expliciete versus impliciete attitudes

Steekwoorden:
attitudes

expliciete attitudes (p. 206) =



impliciete attitudes (p. 206) =



attitudes als voorspellers van gedrag (p. 207) =






Namen:
Ambady, N.


  206
7.2 - Attitudes en het voorspellen van gedrag

2 begrippen in deze sectie:

Attitudetoegankelijkheid
Theorie over gepland gedrag


  207
7.2.1 - Spontaan gedrag voorspellen

Steekwoorden:
anticonceptie

attitude over anticonceptie (p. 209) =



attitudes

toegankelijkheid van attitudes (p. 208) =



toegankelijkheid van attitudes (p. 208) =



specifieke attitudes (p. 209) =



veranderen van attitudes (p. 210) =






Namen:
Ajzen, I.

Ajzen, I.

Ajzen, I.

Albarracín, D.

Albarracín, D.

Albarracín, D.


  208
7.2.2 - Gepland gedrag voorspellen

Steekwoorden:
anticonceptie

attitude over anticonceptie (p. 209) =



attitudes

toegankelijkheid van attitudes (p. 208) =



toegankelijkheid van attitudes (p. 208) =



specifieke attitudes (p. 209) =



veranderen van attitudes (p. 210) =






Namen:
Ajzen, I.

Ajzen, I.

Ajzen, I.

Albarracín, D.

Albarracín, D.

Albarracín, D.


  208
7.3 - Attitudeverandering

7 begrippen in deze sectie:

Persuasieve communicatie
Elaboration likelihood-model
Yale attitude change approach
Centrale route naar overtuiging
Perifere route naar overtuiging
Angstopwekkende communicatie
Historisch-systematisch model van overtuiging


  210
7.3.1 - Attitudes veranderen door gedrag te veranderen: opnieuw de cognitieve dissonantietheorie

Steekwoorden:
aandacht

persuasiviteit en aandacht (p. 216) =



attitudes

gedragsverandering en attitudes (p. 211) =



gedragsverandering en attitudes (p. 211) =



persuasieve communicatie attitudes (p. 211) =



persuasieve communicatie attitudes (p. 211) =



langdurige verandering in attitudes (p. 216) =



attitudeverandering

centrale route naar overtuiging (p. 213) =



cognitie

attitudes en cognitieve dissonantietheorie (p. 211) =



attitudes en cognitieve dissonantietheorie (p. 211) =



cognitieve dissonantietheorie (p. 211) =



cognitieve dissonantietheorie (p. 211) =






Namen:
Albarracín, D.

Alwin


  211
7.3.2 - Persuasieve communicatie en attitudeverandering

Steekwoorden:
aandacht

persuasiviteit en aandacht (p. 216) =



attitudes

gedragsverandering en attitudes (p. 211) =



gedragsverandering en attitudes (p. 211) =



persuasieve communicatie attitudes (p. 211) =



persuasieve communicatie attitudes (p. 211) =



langdurige verandering in attitudes (p. 216) =



attitudeverandering

centrale route naar overtuiging (p. 213) =



cognitie

attitudes en cognitieve dissonantietheorie (p. 211) =



attitudes en cognitieve dissonantietheorie (p. 211) =



cognitieve dissonantietheorie (p. 211) =



cognitieve dissonantietheorie (p. 211) =






Namen:
Albarracín, D.

Alwin


  211
7.3.3 - Emotie en attitudeverandering

Steekwoorden:
angstopwekkende communicatie

angstopwekkende communicatie (p. 217) =



attitudes

emoties en attitudes (p. 219) =



reclame

Centraal Beheer reclamespots (p. 219) =






Namen:
Abraham, C.


  217
7.3.4 - Attitudeverandering en het lichaam

Steekwoorden:
reclame

Chameleon-effect (p. 222) =




  221
7.4 - De macht van reclame

3 begrippen in deze sectie:

Subliminale boodschappen
Genderrollen
Stereotypedreiging


  222
7.4.1 - Hoe werkt reclame?
  223
7.4.2 - Subliminale reclame

Namen:
Aarts, H.
* (2003). The silence of the library: Environment, situational norm, and social behavior. Journal of Personality and Social Psychology, 84, 18-28.
* (2012). Goal-directed behavior. New York: Taylor & Francis, , -.
Abelson, J.A.


  224
7.4.3 - Reclame, stereotypen en cultuur

Steekwoorden:
cultuur

reclame en cultuur (p. 229) =




  227
7.5 - Persuasieve boodschappen weerstaan

2 begrippen in deze sectie:

Attitude-inentingstechniek
Reactantietheorie


  230
7.5.1 - Inenten tegen attitudeverandering

Steekwoorden:
attitudes

resistent maken van attitudes (p. 230) =






Namen:
Aaker, J.L.
* (2000). Accessibility or diagnosticity? Disentangling the influence of culture on persuasion processes and attitudes. Journal of Consumer Research, 26, 340-357.

  230
7.5.2 - Alert zijn op sluikreclame
  231
7.5.3 - Druk van leeftijdsgenoten weerstaan

Namen:
Allen, M.


  232
7.5.4 - Als persuasieve pogingen averechts werken: reactantietheorie

Steekwoorden:
Abu Ghraib

Abu Ghraib (p. 240) =



acceptatie

innerlijke acceptatie (p. 242) =



adolescenten

roken door adolescenten (p. 233) =



Apple Inc.

Apple Inc. (p. 240) =



autokinetisch effect

autokinetisch effect (p. 242) =



conformisme

conformisme: Project X Haren (p. 239) =



conformisme aan informationele sociale invloed (p. 241) =



definitie van conformisme (p. 241) =



redenen voor conformisme (p. 241) =



suïcide

collectieve zelfmoord (p. 240) =






Namen:
Aarts, H.
* (2003). The silence of the library: Environment, situational norm, and social behavior. Journal of Personality and Social Psychology, 84, 18-28.
* (2012). Goal-directed behavior. New York: Taylor & Francis, , -.

  233
7.6 - Samenvatting
  234
8 - Conformisme: sociale invloed en aanpassing gedrag
  238
8.0 - Kernvragen & Openingscase

[kernvraag 1]
[kernvraag 2]
[kernvraag 3]
[kernvraag 4]
[kernvraag 5]

De Openingscase

  238
8.1 - Conformisme: wanneer en waarom
  239
8.2 - Informationele sociale invloed: de behoefte om te weten wat 'juist' is

5 begrippen in deze sectie:

Conformisme
Informationele sociale invloed
Innerlijke acceptatie
Openlijke volgzaamheid
Psychogene groepsziekte


  241
8.2.1 - Het belang van accuraat zijn

Steekwoorden:
accuraat zijn

accuraat zijn: informationele sociale invloed (p. 244) =



autokinetisch effect

autokinetisch effect (p. 244) =



conformisme

het belang van accuraat zijn en conformisme (p. 244) =




  244
8.2.2 - De schaduwzijde van informationeel conformisme

Steekwoorden:
besmetting

besmetting (p. 246) =



definitie van besmetting (p. 246) =



conformisme

schaduwzijden van conformisme, informationeel (p. 245) =






Namen:
Allan, K.

Altman, L.K.


  245
8.2.3 - Wanneer conformeren mensen zich aan informationele sociale invloed?

Steekwoorden:
ALS (amyotrofe lateraalsclerose)

ALS (amyotrofe lateraalsclerose) (p. 248) =



conformisme

conformisme in crisissituaties (p. 247) =



deskundigheid en conformisme (p. 247) =



onduidelijkheid en conformisme (p. 247) =



crises

informationeel conformisme tijdens crises (p. 247) =






Namen:
Abrams, D.

Allen, V.L.

Allison, P.D.


  247
8.3 - Normatieve sociale invloed: de behoefte om geaccepteerd te worden

5 begrippen in deze sectie:

Sociale normen
Normatieve sociale invloed
Sociale impacttheorie
Eigenzinnigheidskrediet
Minderheidsinvloed


  248
8.3.1 - Conformisme en sociale goedkeuring: de lijnexperimenten van Asch

Steekwoorden:
acceptatie

innerlijke acceptatie (p. 251) =



conformisme

conformisme: lijnexperimenten van Asch (p. 250) =



sociale goedkeuring en conformisme (p. 250) =




  250
8.3.2 - Het belang van accuraat zijn, vervolg

Steekwoorden:
accuraat zijn

accuraat zijn: normatieve sociale invloed (p. 252) =



conformisme

accuraat zijn en conformisme (p. 252) =




  252
8.3.3 - Wat gebeurt er als men normatieve sociale invloed weerstaat

Steekwoorden:
conformisme

weerstand bieden aan conformisme (p. 254) =




  254
8.3.4 - De sociale impacttheorie

Steekwoorden:
bondgenootschappen

bondgenootschappen, en conformisme aan normatieve sociale invloed (p. 258) =



conformisme

conformisme: sociale impacttheorie (p. 255) =



belang van de groep en conformisme (p. 257) =



groepsgrootte en conformisme (p. 257) =



bondgenootschappen en conformisme (p. 258) =



collectivistische groepscultuur en conformisme (p. 258) =






Namen:
Abrams, D.

Abrams, D.

Abrams, D.

Allen, V.L.


  255
8.3.5 - Minderheidsinvloed: als een paar mensen de meerderheid beïnvloeden

Steekwoorden:
broeikaseffect

broeikaseffect (p. 260) =



conformisme

minderheidsinvloed en conformisme (p. 260) =




  260
8.4 - Strategieën voor het gebruiken van sociale invloed

4 begrippen in deze sectie:

Descriptieve normen
Injunctieve normen
Deur-in-het-gezicht-techniek
Voet-tussen-de-deur-techniek


  261
8.4.1 - De rol van injunctieve en descriptieve normen

Steekwoorden:
conformisme

conformisme om goed gedrag te stimuleren (p. 261) =




  261
8.4.2 - Gedragsverandering door middel van normen: pas op voor het boemerangeffect

Steekwoorden:
boemerangeffecten

boemerangeffect van sociale normen (p. 264) =




  264
8.4.3 - Andere tactieken van sociale invloed

Steekwoorden:
antisemitisme

antisemitisme (p. 267) =



conformisme

propaganda en conformisme (p. 267) =



gehoorzaamheid en conformisme (p. 268) =




  265
8.5 - Gehoorzamen aan gezag
  268
8.5.1 - De rol van normatieve sociale invloed

Steekwoorden:
autoriteit

rol van normatieve sociale invloed bij autoriteit (p. 271) =



conformisme

rol van normatieve sociale invloed bij conformisme (p. 271) =




  271
8.5.2 - De rol van informationele sociale invloed

Steekwoorden:
autoriteit

rol van informationele sociale invloed bij autoriteit (p. 272) =



conformisme

rol van informationele sociale invloed bij conformisme (p. 272) =




  272
8.5.3 - Andere redenen waarom we gehoorzamen

Steekwoorden:
autoriteit

gehoorzaamheid aan autoriteit (p. 273) =



gehoorzaamheid aan autoriteit (p. 274) =



zelfrechtvaardiging en autoriteit (p. 274) =



conformisme

verkeerde normen en conformisme (p. 274) =



zelfrechtvaardiging en conformisme (p. 274) =




  273
8.5.4 - De gehoorzaamheidsstudies: toen en nu

Steekwoorden:
agressie

gehoorzaamheid aan autoriteitsfiguren en agressie (p. 278) =



autoriteit

agressie en autoriteit (p. 278) =



gehoorzaamheid aan autoriteit (p. 278) =



conformisme

agressie en conformisme (p. 278) =




  276
8.6 - Samenvatting
  280
9 - Groepsprocessen: invloed in sociale groepen
  282
9.0 - Kernvragen & Openingscase

[kernvraag 1]
[kernvraag 2]
[kernvraag 3]
[kernvraag 4]
[kernvraag 5]

De Openingscase

  282
9.1 - Wat is een groep?

5 begrippen in deze sectie:

Groep
Interdependentie
Groepsnormen
Sociale rollen
Groepscohesie


  283
9.1.1 - Waarom sluiten mensen zich aan bij groepen?

Steekwoorden:
afwijzing

sociale afwijzing (p. 284) =




  284
9.1.2 - Sociale normen en groepsnormen

Namen:
Abrams, D.


  285
9.1.3 - Groepscohesie

Namen:
Allmendinger, J.

Alter


  287
9.1.4 - Groepsontwikkeling
  289
9.2 - Groepen en het gedrag van individuen

3 begrippen in deze sectie:

Sociale facilitatie
Social loafing
De-individuatie


  289
9.2.1 - Sociale facilitatie: als de aanwezigheid van anderen ons energie geeft

Steekwoorden:
arousal

arousal (p. 292) =






Namen:
Aiello, J.R.

Aiello, J.R.


  290
9.2.2 - Social loafing: als de aanwezigheid van anderen ons ontspannen maakt
  294
9.2.3 - De-individuatie: opgaan in de menigte

Steekwoorden:
arousal

arousal (p. 295) =




  295
9.3 - Groepsbeslissingen

10 begrippen in deze sectie:

Procesverlies
Transactief geheugen
Groepsdenken (groupthink)
Groepspolarisatie
Theorie van de geboren leider
Transactionele leider
Transformationele leider
Contingentietheorie van leiderschap
Persoonsgerichte leider
Taakgerichte leider


  296
9.3.1 - Procesverlies

Steekwoorden:
besluitvorming

procesverlies en besluitvorming (p. 297) =



besluitvorming in groepen (p. 299) =






Namen:
Abbott, A.S.


  297
9.3.2 - Groepspolarisatie: een kwestie van uitersten

Steekwoorden:
besluitvorming

polarisatie van besluitvorming (p. 301) =




  301
9.3.3 - Leiderschap in groepen

Steekwoorden:
Apple Inc.

Apple Inc. (p. 304) =



experimenten

contingentietheorie van leiderschap (p. 304) =



definitie van contingentietheorie van leiderschap (p. 304) =



contingentietheorie van leiderschap (p. 305) =






Namen:
Ames, D.R.


  302
9.4 - Conflicten en samenwerking

4 begrippen in deze sectie:

Sociaal dilemma
Voor-wat-hoort-wat-strategie
Integratieve oplossing
Onderhandeling


  307
9.4.1 - Sociale dilemma's

Steekwoorden:
communicatie

communicatie bij conflicten en samenwerking (p. 307) =



conflicten

effecten van communicatie op conflicten (p. 307) =



sociale dilemma's en conflicten (p. 308) =




  307
9.4.2 - Conflicten oplossen: dreigen of communiceren?

Steekwoorden:
conflicten

conflicten oplossen (p. 310) =




  310
9.4.3 - Onderhandelen

Namen:
Althuisius, J.


  313
9.5 - Intergroepsprocessen: processen tussen groepen

2 begrippen in deze sectie:

Wij-groep/in-group
Zij-groep/out-group


  314
9.6 - Samenvatting
  315
10 - Interpersoonlijke aantrekkelijkheid: van eerste indrukken tot hechte relaties
  318
10.0 - Kernvragen & Openingscase

[kernvraag 1]
[kernvraag 2]
[kernvraag 3]
[kernvraag 4]
[kernvraag 5]

De Openingscase

  318
10.1 - Waardoor wordt aantrekkelijkheid veroorzaakt?

4 begrippen in deze sectie:

Nabijheidseffect
Blootstellingseffect (mere exposure effect)
Halo-effect
Evolutionaire psychologie


  320
10.1.1 - De persoon om de hoek: het nabijheidseffect

Steekwoorden:
afstand

functionele afstand (p. 321) =



blootstellingseffect

blootstellingseffect (p. 322) =



definitie van blootstellingseffect (p. 322) =




  321
10.1.2 - Gelijkenis

Steekwoorden:
complementaritiet

complementaritiet (p. 323) =




  323
10.1.3 - Wederzijdse genegenheid

Steekwoorden:
commitment

commitment in relaties (p. 325) =



commitment: gelijkenis (p. 325) =




  325
10.1.4 - Fysieke aantrekkelijkheid

Steekwoorden:
cultuur

schoonheidsnormen en cultuur (p. 327) =






Namen:
Abdallah, B.

Adams, G.


  326
10.1.5 - Evolutie en partnerkeuze
  332
10.2 - Contacten leggen in het tijdperk van de technologie
  336
10.2.1 - Aantrekkingskracht 2.0: partnervoorkeur in het online tijdperk
  337
10.2.2 - De belofte en de valkuilen van online dating
  338
10.3 - Liefde en intieme relaties

12 begrippen in deze sectie:

Hartstochtelijke liefde
Kameraadschappelijke liefde
Angstig-ambivalente hechtingsstijl
Gedesorganiseerde-gedesoriënteerde hechtingsstijl
Hechtingsstijlen
Veilige hechtingsstijl
Vermijdende hechtingsstijl
Sociale uitwisselingstheorie (social exchange theory)
Investeringsmodel
Vergelijkingsniveau
Vergelijkingsniveau voor alternatieven
Gelijkheidstheorie


  340
10.3.1 - De definitie van liefde: kameraadschap en hartstocht

Steekwoorden:
cultuur

hartstochtelijke liefde in collectivistische culturen (p. 341) =



liefde en cultuur (p. 341) =



liefde in chinese cultuur (p. 341) =




  340
10.3.2 - Cultuur en liefde

Steekwoorden:
amae

amae (p. 343) =



cultuur

liefde en cultuur (p. 342) =






Namen:
Adams, G.

Adonu, J.K.


  342
10.3.3 - Hechtingsstijlen in intieme relaties

Steekwoorden:
angstig-ambivalente hechtingsstijl

angstig-ambivalente hechtingsstijl (p. 344) =






Namen:
Ainsworth, M.D.


  344
10.3.4 - Theorieën over tevredenheid in relaties: sociale uitwisseling en gelijkheid

Steekwoorden:
alternatieven

vergelijkingsniveau voor alternatieven (p. 348) =



beloning

beloning: sociale uitwisselingstheorie (p. 347) =



relaties

communale relaties (p. 351) =






Namen:
Abele, A.E.

Agnew, C.R.


  346
10.4 - Het beëindigen van intieme relaties

3 begrippen in deze sectie:

Communale relaties
Uitwisselingsrelaties
Fatale aantrekkelijkheid


  351
10.4.1 - Een relatie verbreken: het proces
  352
10.4.2 - Een relatie verbreken: de ervaring

Namen:
Akert, R.M.

Akert, R.M.


  353
10.5 - Samenvatting
  355
11 - Prosociaal gedrag: waarom helpen mensen?
  358
11.0 - Kernvragen & Openingscase

[kernvraag 1]
[kernvraag 2]
[kernvraag 3]
[kernvraag 4]
[kernvraag 5]

De Openingscase

  358
11.1 - Basismotieven voor prosociaal gedrag

6 begrippen in deze sectie:

Altruïsme
Prosociaal gedrag
Verwantschapsselectie
Wederkerigheidsnorm
Empathie
Empathie-altruïsmehypothese


  359
11.1.1 - Evolutionaire psychologie: instincten en genen

Steekwoorden:
agressie

evolutionaire benadering van agressie (p. 360) =



altruïsme

altruïsme (p. 359) =



evolutionaire benadering van altruïsme (p. 360) =



dankbaarheid

dankbaarheid (p. 361) =
[ Sommige onderzoekers stellen dat de emotie 'dankbaarheid' tot ontwikkeling is gekomen voor het reguleren van wederkerigheid. Wederkerigheid betreft de stelling van evolutionair psychologen, namelijk dat helpen voorwaardelijk gebeurt. ]
Mening Doctor Null:
[ Dit in hun poging - van de evolutionair psychologen - het zuivere onvoorwaardelijke helpen dat wordt waargenomen, het altruïsme, als een stoornis te beschrijven. ]





Namen:
Algoe, S.B.


  359
11.1.2 - Sociale uitwisseling: de kosten en baten van behulpzaamheid

Steekwoorden:
altruïsme

eigenbelang versus altruïsme (p. 362) =



sociale uitwisselingstheorie en altruïsme (p. 362) =




  362
11.1.3 - Empathie en altruïsme: het zuivere motief om te helpen

Steekwoorden:
altruïsme

altruïsme (p. 363) =



11 september 2001

terroristische aanslagen van 11 september 2001 (p. 363) =






Namen:
Ahmad, N.

Ahmad, N.


  363
11.2 - Persoonlijke kwaliteiten en prosociaal gedrag

1 begrippen in deze sectie:

Altruïstische persoonlijkheid


  367
11.2.1 - Individuele verschillen: de altruïstische persoonlijkheid

Steekwoorden:
altruïstische persoonlijkheid

altruïstische persoonlijkheid (p. 367) =



altruïstische persoonlijkheid (p. 367) =



funding

Carnegie Hero Fund Commission (p. 368) =




  367
11.2.2 - Genderverschillen in prosociaal gedrag

Steekwoorden:
altruïstische persoonlijkheid

altruïstische persoonlijkheid (p. 367) =



altruïstische persoonlijkheid (p. 367) =



funding

Carnegie Hero Fund Commission (p. 368) =




  367
11.2.3 - Culturele verschillen in prosociaal gedrag

Steekwoorden:
cultuur

prosociaal gedrag en cultuur (p. 369) =




  369
11.2.4 - Religie en prosociaal gedrag

Steekwoorden:
cultuur

prosociaal gedrag en cultuur (p. 369) =




  369
11.2.5 - De effecten van stemming op prosociaal gedrag

Namen:
Aggarwal, P.

Ahn, H.K.


  370
11.3 - Situationele determinanten van prosociaal gedrag

4 begrippen in deze sectie:

Urban overload-hypothese
Omstandereffect (bystander effect)
Pluralistische onwetendheid
Spreiding van verantwoordelijkheid


  372
11.3.1 - Omgeving: platteland versus stad

Namen:
Amato, P.R.


  372
11.3.2 - Mobiliteit van inwoners

Namen:
Amato, P.R.


  372
11.3.3 - Het omstandereffect

Steekwoorden:
besluitvorming

beslissingen om te helpen (p. 374) =



cognitie

cognitief beslismodel (p. 374) =



omstander

proces van bystander intervention (p. 376) =




  373
11.3.4 - Effecten van de media: videogames en muziekteksten

Steekwoorden:
internet

chatgroepen (p. 379) =




  379
11.4 - Het bevorderen van prosociaal gedrag

1 begrippen in deze sectie:

Overrechtvaardigingseffect


  381
11.4.1 - Zo zullen omstanders sneller ingrijpen

Namen:
Alvarez, L.


  381
11.4.2 - Positieve psychologie en prosociaal gedrag
  382
11.4.3 - Spiegelen en prosociaal gedrag

Steekwoorden:
agressie

assertiviteit en agressie (p. 389) =



incidenten op scholen en agressie (p. 389) =




  385
11.5 - Samenvatting
  386
12 - Agressie en agressief gedrag
  388
12.0 - Kernvragen & Openingscase

[kernvraag 1]
[kernvraag 2]
[kernvraag 3]
[kernvraag 4]
[kernvraag 5]

De Openingscase

  388
12.1 - De definitie en oorzaken van agressie

4 begrippen in deze sectie:

Agressie
Instrumentele agressie
Vijandige agressie
Sociaal-cognitieve leertheorie


  389
12.1.1 - Is agressie aangeboren, aangeleerd of optioneel?

Steekwoorden:
agressie

agressie (p. 390) =



definitie van agressie (p. 390) =



evolutionaire benadering van agressie (p. 390) =



instrumentele agressie (p. 390) =



vijandige agressie (p. 390) =



agressie bij dieren (p. 391) =



chimpansees en agressie (p. 391) =



bonobo's

agressie bij bonobo's (p. 391) =



chimpansees

agressie bij chimpansees (p. 391) =




  390
12.1.2 - Cultuur en agressie

Steekwoorden:
agressie

agressie bij de Iroquois (p. 392) =



cultuur en agressie (p. 392) =



cultuur

agressie en cultuur (p. 392) =




  392
12.1.3 - Gender en agressie

Steekwoorden:
agressie

agressie bij de Teduray (p. 393) =



genderverschillen en agressie (p. 393) =



oorlog en agressie (p. 393) =




  393
12.1.4 - Agressief gedrag aanleren

Steekwoorden:
agressie

Bobo-dollexperiment en agressie (p. 396) =



aanleren van agressie (p. 396) =



experimenten

Bobo-dollexperiment (p. 396) =




  396
12.1.5 - Enkele fysiologische invloeden

Steekwoorden:
agressie

alcohol en agressie (p. 397) =



fysiologische invloeden op agressie (p. 397) =



ongemak en agressie (p. 398) =



pijn en agressie (p. 398) =



alcohol

agressie en alcohol (p. 397) =






Namen:
Abrevaya, J.


  397
12.2 - Sociale situaties en agressie

3 begrippen in deze sectie:

Frustratie-agressietheorie
Weapons effect
Seksueel script


  400
12.2.1 - Frustratie en agressie

Steekwoorden:
agressie

frustratie en agressie (p. 400) =



sociale situaties en agressie (p. 400) =




  400
12.2.2 - Geprovoceerd worden en terugslaan

Steekwoorden:
agressie

provocatie en agressie (p. 401) =




  401
12.2.3 - Wapens als aanleiding tot geweld

Steekwoorden:
agressie

agressieve objecten als cues (p. 402) =



agressieve stimulus

agressieve stimulus (p. 402) =




  402
12.2.4 - Seksueel geweld
  403
12.3 - Geweld in de media
  405
12.3.1 - Experimentele studies naar geweld in de media
  406
12.3.2 - Longitudinale studies naar geweld in de media
  407
12.3.3 - Het probleem van het bepalen van oorzaak en gevolg
  408
12.3.4 - Conclusies: geweld in de media in perspectief geplaatst
  409
12.4 - Agressie terugdringen
  410
12.4.1 - De invloed van straf op agressief gedrag

Steekwoorden:
agressie

inperken van agressie (p. 410) =



straf en agressie (p. 410) =



pesten en agressie (p. 411) =



pesten

cyberpesten (p. 411) =




  410
12.4.2 - Catharsis en agressie

Steekwoorden:
agressie

catharsis en agressie (p. 412) =



straf en agressie (p. 412) =



effecten van agressie (p. 413) =



cognitieve dissonantie en agressie (p. 414) =



schuld leggen bij slachtoffers van agressie (p. 414) =



catharsis

catharsis (p. 412) =



cognitie

agressie en cognitieve dissonantie (p. 414) =




  412
12.4.3 - Wat moeten we met onze woede?

Steekwoorden:
agressie

agressie op scholen (p. 419) =



agressiebeheersing

agressiebeheersing (p. 415) =



agressiebeheersing: stoom afblazen versus zelfbewustzijn (p. 415) =



agressiebeheersing: training en communicatie- en probleemoplossingsvaardigheden (p. 416) =



empathie en agressiebeheersing (p. 417) =



apartheid

apartheid (p. 425) =



attitudes

bevooroordeelde attitudes (p. 426) =



negatieve attitudes (p. 426) =




  415
12.5 - De cyclus van afwijzing en woede doorbreken
  419
12.6 - Samenvatting
  421
13 - Vooroordelen: oorzaken en oplossingen
  424
13.0 - Kernvragen & Openingscase

Wat zijn de drie componenten van vooroordelen?
Hoe kunnen onderdrukte of onbewuste vooroordelen worden opgespoord?
Wat zijn de effecten van vooroordelen?
Welke aspecten van het sociale leven kunnen vooroordelen veroorzaken?
Hoe kunnen vooroordelen worden teruggedrongen?

De Openingscase
  424
13.1 - Vooroordelen: een alomtegenwoordig sociaal verschijnsel

2 begrippen in deze sectie:

Discriminatie
Vooroordelen


  426
13.1.1 - De affectieve component: emoties

Steekwoorden:
attitudes

affectieve component van attitudes (p. 427) =



cognitieve component van attitudes (p. 427) =



gedragscomponent van attitudes (p. 427) =




  427
13.1.2 - De cognitieve component: stereotypen

Steekwoorden:
categorisatie

categorisatie (p. 429) =






Namen:
Allport, G.W.


  428
13.1.3 - De gedragscomponent: discriminatie
  433
13.2 - Het opsporen van onderdrukte of onbewuste vooroordelen

1 begrippen in deze sectie:

De Impliciete Associatietest (IAT)


  437
13.2.1 - Het opsporen van onderdrukte vooroordelen

Namen:
Agerström, J.


  437
13.2.2 - Het opsporen van onbewuste vooroordelen

Namen:
Acquisti, A.


  438
13.3 - De effecten van vooroordelen

2 begrippen in deze sectie:

Selffulfilling prophecy
Stereotypedreiging


  440
13.3.1 - Selffulfilling prophecies
  440
13.3.2 - Stereotypedreiging

Namen:
Ambady, N.


  442
13.4 - Drie aspecten van het sociale leven die vooroordelen kunnen veroorzaken

8 begrippen in deze sectie:

Institutionele discriminatie
Normatief conformisme
Etnocentrisme
Sociale identiteit
In-group bias (wij-groepsvertekening)
Out-group homogeniteitsbias
Blaming the victim
Realistische conflicttheorie


  444
13.4.1 - De manier waarop we ons conformeren: normatieve regels
  445
13.4.2 - De manier waarop we denken: sociale cognitie

Steekwoorden:
attributie

dispositionele attributie (p. 451) =



situationele attributie (p. 451) =



bevooroordeling

impliciete bevooroordeling (p. 453) =



cognitie

cognitieve dissonantie (p. 453) =



klagen

blaming the victim (p. 451) =






Namen:
Aguiar, P.


  448
13.4.3 - De realistische conflicttheorie
  454
13.5 - Het terugdringen van vooroordelen

3 begrippen in deze sectie:

Contacthypothese
Wederzijdse afhankelijkheid
Jigsawmodel


  456
13.5.1 - De contacthypothese

Steekwoorden:
experimenten

contacthypothese (p. 457) =




  456
13.5.2 - Zes voorwaarden voor de vermindering van vooroordelen via contact

Steekwoorden:
afhankelijkheid

onderlinge afhankelijkheid (p. 458) =



wederzijdse afhankelijkheid (p. 458) =



experimenten

contacttheorie (p. 458) =






Namen:
Allport, G.W.

Allport, G.W.


  458
13.5.3 - Het jigsawmodel
  460
13.6 - Samenvatting
  463